Wordt 2018 het jaar van de zweetbandjes?

2017 was het jaar waarin bijna alle wearables een hartslagmeter kregen. In 2018 zullen we een nieuwe ontwikkeling zien: wearables die zweet meten. Het mooie daarvan is dat zweet rechtstreeks afkomstig is in je lichaam, makkelijk op te vangen is met een wearable en dat je allerlei gezondheidswaarden kunt meten zonder bloed te prikken. Maar er zitten nog wel haken en ogen aan.

Zweet meten voor je gezondheid

Een belangrijke eis aan wearables is dat ze gemakkelijk te dragen moeten zijn. De sensoren die erin zitten moeten zo klein zijn, dat ze in een polsarmband of soortgelijk accessoire passen, zodat ze de hele dag kunnen meten. Dit legt beperkingen op aan de sensoren die fabrikanten in een wearable kunnen stoppen. Bij zweet staan eigenlijk alle seinen op groen: het meten kan met een kleine sensor, er komen geen naalden aan te pas (het is non-invasive) je kunt er allerlei nuttige informatie uit halen.

Bloed kan veel vertellen over je gezondheid, maar is lastiger te meten. Door de huid heen kun je wel een schatting van het zuurstofgehalte maken of de hartslag meten, maar als je bloed chemisch wilt analyseren zul je moeten bloedprikken. Dat vinden de meeste mensen niet prettig.

Zweet is gemakkelijker af te tappen en te gebruiken. Met een sensor ter grootte van een hartslagmeter is het mogelijk om te kijken welke stoffen er in zweet zitten. Die biomarkers kun je vervolgens weer in verband brengen met eigenschappen van je bloed.

Kenzen Patch

Wat vertelt zweet dan over je gezondheid?

Zweet is het natuurlijke alarmsysteem van je lichaam. Als je lichaam te warm wordt produceren we zweet om het lichaam te verkoelen. Dat zweet komt rechtstreeks uit je lichaam en bestaat niet alleen uit water, maar ook uit allerlei stoffen die in je lichaam circuleren.

“Ik zie zweet als een soort verdunde versie van bloed”, aldus Tolga Kaya, onderzoeker van Cental Michigan University. “Wat je in je bloed ziet, zie je grotendeels ook in je zweet.”

Sporter met Kenzen Patch

Door zweet te meten kan een wearable achterhalen hoe het zit met het gehalte aan glucose, eiwit, melkzuur, natrium, kalium en chloride. Hierin zijn aanwijzingen te vinden of iemand aan een bepaalde ziekte leidt. Zo zou je bij een verhoogd gehalte aan glucose in zweet kunnen kijken of er sprake is van diabetes. Het is geen bewijs, maar het geeft wel aan in welke richting nader onderzoek gewenst zou zijn. Met zweet zou je bijvoorbeeld kunnen kijken of iemand medicatie nodig heeft.

Momenteel is het al mogelijk om voor sommige toepassingen zweet te gebruiken voor medisch onderzoek. Het stresshormoon cortisol is in gelijke mate in je bloed en in je zweet aanwezig. Ook is het meten van de zoutconcentratie in je zweet een gouden standaard geworden voor het stellen van de diagnose cystische fibrose (taaislijmziekte). Nieuw onderzoek is vooral erop gericht om te ontdekken hoe je metingen van zweet kunt vertalen naar bloedwaarden.

Zijn er ook nadelen van zweet meten?

Het belangrijkste nadeel van wearables die je zweet meten is dat je niet altijd zweet produceert. Op het moment dat je in de kou gaat sporten is het lastig om voldoende zweet te produceren, zodat er stoffen vrijkomen om te analyseren. Voor andere processen in je lichaam geldt dat niet: je ademt constant en je bloed blijft ook steeds door je aderen pompen. Zelfs bij darten en denksporten kun je iemands hartslag meten. Het meten van zweet is bij deze sporten wat lastiger. Ook zijn er grote verschillen tussen mensen onderling. Sommige mensen zweten alleen als ze fanatiek sporten, terwijl anderen bij het minste of geringste zweet produceren. Feit blijft: het is niet een constante stroom vocht, die uit je zweetklieren gulpt. Je kunt daardoor niet continu meten.

Dat zweet ook nog een stinkt, helpt ook niet mee aan het imago.

Tof, waar vind ik zo’n zweetband?

Fitbit maakte er in 2016 al een 1 aprilgrap over: met Fitbit SweatSense krijg je een waarschuwing als je een zweetgeur verspreidt. Het was een grap, maar Fitbit zal er intern zeker mee bezig zijn. In voorgaande jaren waren vooral universiteiten geïnteresseerd in het meten van zweet, maar we zien hier en daar ook de eerste concrete producten opduiken.

SweatSense van Fitbit

Eccrine Systems heeft het Sweatronics-platform ontwikkeld, voor het analyseren van zweet met wearables. Dit wordt nu al gebruikt door luchtmachtpersoneel. Het wachten is op een grote fabrikant van consumentenproducten die dergelijke sensoren wil inbouwen in gangbare wearables.

Ook interessant is de Kenzen Patch, een plakpleister die je zweet analyseert en continu je gezondheidswaarden in de gaten houdt. Het is niet alleen bedoeld om blessures te voorkomen, maar ook om het herstel te versnellen. Volgens de makers werkt het zelfs bij het kleinste spoortje van zweet. De pleisters kijken naar vocht, maar ook naar elektrolyten en andere stoffen.

Kenzen Echo Patch

Er zijn ook accessoires die wat minder ambitieus zijn, zoals de Halo Edge. Deze houdt in de gaten of je niet te veel vocht verliest door je zweet te analyseren. Ook de SweatSmart van GraphWear, ontstaan aan de universiteit van Pennsylvania, is alleen geschikt om je vochtverlies te meten. Het wordt al gebruikt door NFL-spelers.

Halo Edge

Hoe snel we het in consumentenproducten zullen zien, is afhankelijk van de fabrikanten, maar de ontwikkelingen gaan snel. Waarschijnlijk zullen het aanvankelijk de Kickstarter-bedrijfjes en kleinere start-ups zijn die de eerste consumentenproducten uitbrengen. Maar de technologie ligt al klaar en fabrikanten zoals Fitbit en dergelijke hoeven alleen nog maar toe te happen. Eccrine Systems zegt al samen te werken met een aantal bedrijven, maar er zijn nog geen concrete aankondigingen gedaan. De Kenzen Patch is nu meteen al toe te passen, maar ze zijn alleen per 500 stuks te koop.

Daarnaast zijn er diverse onderzoeksprojecten aan universiteiten wereldwijd, maar het kan daarbij wel eens lang gaan duren voordat er een concreet product uit komt. Laat staan een product dat je gewoon in de winkel kunt kopen. Het is dus nog even spannend welke fabrikant de eerste stap maakt. Maar brede beschikbaarheid in 2018 is nog niet te verwachten.